Meteen naar de content
KROOST
Naar de pagina inhoud

Brief aan juf Kiet

Amsterdam, 24 november 2035

Beste juf Kiet,

Het is alweer 20 jaar geleden dat ik naar Nederland kwam. Laatst dacht ik aan die film die toen over onze klas is gemaakt. Het bleek dat mijn moeder hem had bewaard. Na al die jaren heb ik hem weer eens bekeken, samen met mijn man Javier. Ik was zo blij dat hij nu bij me was. En ik vraag me af, met welke motivatie bent ú begonnen aan dat avontuur? Hoe zou ú er nu op terug kijken?

Met deze brief wil ik u vertellen hoe ik nu terugkijk op die tijd bij u op school in het Brabantse Hapert. Vluchtelingenkinderen waren we, nog maar net in Nederland. We hadden zoveel meegemaakt; verlies, bommen, uitputting, hitte en kou, afwijzing, angst. De dood zelf hadden we in de ogen gezien.

De herinneringen over de tijd bij u op school kwamen weer naar boven bij het zien van de film. Ik realiseerde me: wat er in de klas van juf Kiet ook gebeurde, zij had een oplossing.

Ik realiseerde me: wat er in de klas van juf Kiet ook gebeurde, zij had een oplossing.

Weet u nog, die keer toen Haya huilend en met natte knieën de school binnenkwam? Snel ging u op zoek naar een droge broek. Die moest ze maar aantrekken, dan zou alles wel weer in orde zijn. Voor Haya lag dat anders. Ik geloof dat zij er op dat moment alleen maar naar verlangde dat u bij haar was. Dat ze acceptatie en begrip in uw ogen had willen lezen. Ze had vast haar eigen oplossing gevonden. U ging verder met uw bezigheden. En Haya gaf het niet zomaar op, ze gaf u en zichzelf nog een nieuwe kans. “Ik wil met mama bellen, de juf heeft mama’s telefoonnummer!”, vertrouwde ze me toe. Haya zocht een tolk en wist haar wens duidelijk te maken. Maar telefoneren met haar moeder, dat stond u Haya niet toe. De kans was verkeken, Haya was alleen. Ik zag het wel. Ik heb een tekening voor haar gemaakt, met haar moeder erop. Zou dat geholpen hebben?

Het waren uw antwoorden en uw oplossingen waar u mee kwam. Maar als u onze oplossingen had willen horen, dan had u een essentiële stap niet kunnen overslaan: die van het luisteren. Helder krijgen welke gevoelens en behoeften er schuil gingen achter onze woorden en achter ons gedrag.

Javier en ik keken naar die scène waarin we ruzie maakten op het schoolplein. Later in het klaslokaal kwam u erop terug. U praatte en ik kan uw vinger haast weer voelen, tikkend tegen mijn schouder. U wilde dat ik naar u keek, luisterde. Wat had ik graag gewild dat u ook even naar ons had geluisterd. Want er zat zoveel meer achter onze ruzies. Zoveel…

Ik hield ervan om met Leanne, het nieuwe meisje, te spelen en te werken. Wij konden goed met elkaar opschieten, maar tussen Haya en Leanne klikte het niet zo. Haya pakte Leanne soms vast, of ze tekende op haar papier. Waarom zou ze dat gedaan hebben, wat zat er achter, vraag ik me nu af. Natuurlijk had u wel in de gaten dat er iets speelde tussen die twee, ik had het idee dat u alles zag. U vertelde Haya dat Leanne graag zelf wilde werken en over het vastpakken zei u: “Dat is niet leuk, je gaat niet iemand zo vastpakken!” Ja, ik wilde ook dat het voor iedereen veilig was. Leanne wilde haar werk zo graag op haar eigen manier doen. En ik denk dat ze er echt last van als Haya haar op die manier aanraakte.

Maar uw boodschap aan Haya bracht me in verwarring. Want wat ik zo vaak bij u miste was de vraag of wij het oké vonden, of op welke manier wij iets graag wilden. En het kwam voor dat u óns vasthield op manieren die onacceptabel voor ons waren. Bijvoorbeeld als we u niet aankeken. Dan nam u ons gezicht tussen uw wijsvinger en duim en draaide het naar u toe, dan moesten we u wel in de ogen kijken. Hoe kunnen kinderen leren van volwassenen als wat zij zeggen iets heel anders is dan wat zij doen?

In uw klas heb ik ook ervaringen op kunnen doen die me hebben geholpen en waar ik met plezier op terugkijk. Bijvoorbeeld op die eerste schooldag, ik vond het heel spannend. Maar ik merkte dat ik welkom was, u stelde me voor aan de anderen en wees me de weg. Mijn tafel, stoel en spulletjes, u had gezorgd dat het allemaal klaar stond. Ik hoorde erbij! En u sprak Nederlands met ons, de taal van het nieuwe land heb ik mij dankzij u snel eigen kunnen maken. Dat gaf mij mogelijkheden en kansen, die basis heb ik als belangrijk ervaren. Ik hield ervan te horen hoe u probeerde onze namen op de juiste manier uit te spreken. Mijn naam was niet zo moeilijk, maar die van Jorj en Branche bijvoorbeeld, u bleef oefenen. Daarin merkte ik zorgvuldigheid en erkenning voor wie we waren, voor onze achtergrond. Dank u wel.

Ik heb er therapie voor nodig gehad om mijn oorlogservaringen te verwerken. En het dansen, dat heeft me er echt doorheen gesleept. Als ik danste, voelde ik me levendig en vrij. Ook praatte ik veel met Javier, die ik leerde kennen toen ik 14 jaar was. Over die lange tocht naar Nederland en over hoe het was toen we hier kwamen. Soms waren de nachtmerries er weer. Je zag het niet aan mijn buitenkant, maar ik droeg de oorlog mee. Javier en ik spreken dezelfde taal, Nederlands. Maar ook als hij niets zegt lees ik in zijn ogen dat hij er is, dat het er voor hem toe doet wat er door me heengaat.

Jorj uit onze klas had ook last van die bange dromen, weet u nog? Hij was niet meer in het oorlogsgebied, maar ik denk dat het bij hem vanbinnen nog altijd een slagveld was. Zijn taken op school, hij kreeg het niet voor elkaar. Kwam dat misschien door overweldigende ervaringen die hij had moeten doorstaan in zijn jonge leven? Ik hoor hem nog zeggen: “Laat God me helpen met mijn hersenen. Ik heb kortsluiting in mijn hoofd. Breng me naar de Intensive Care.” Ik geloof, juf Kiet, dat ons klasgenootje onze nabijheid, support en erkenning voor wat er in hem omging nodig had. Dat was toch het minste wat we voor hem hadden kunnen doen? Maar toen zijn werk maar niet lukte, zette u Jorj apart van de groep. U stuurde hem naar de gang. Werken moest hij, zelfs in de pauze.

Oh God, wat moet ik aan met deze juf? ~ Jorj

Weinig mensen heb ik harder zien werken dan u deed, niets leek u teveel. De droge broeken, kopjes thee, het afleiden, de adviezen, al die stickers en de complimenten. Werkelijk alles haalde u uit de kast. Maar of uw inspanningen afgestemd waren op wat wij voelden en nodig hadden..?

Nu sta ik zelf voor de klas, groep 3/4 begeleid ik. Bij ons op school gaan we niet zo gauw op zoek naar droge broeken. Een communicatietraining heeft mij en mijn collega’s zoveel bewuster gemaakt van het belang van luisteren. Als het me lukt om echt te luisteren, komen de kinderen vaak zelf wel met een oplossing, eentje die hen past. En dat geeft ons leerkrachten ook weer lucht en ruimte: we hoeven de problemen van die 25 kinderen in onze groep niet op te lossen. We willen erop vertrouwen dat ze dat zelf kunnen, met betrokkenheid van ons: een win-win situatie.

Een van de belangrijkste lessen die ik heb geleerd in mijn werk, is hoe belangrijk het is simpelweg de tijd te nemen om aandachtig te kijken en te luisteren naar het kind, nog vóór je iets anders doet.” Dr. Bruce D. Perry

Wie is perfect en vrij van blinde vlekken? Mijn collega’s en ik hebben nog veel te leren. De kinderen zijn onze leraren. En we reflecteren met elkaar. Ons streven is de verbinding met de kinderen, juist als het moeilijk wordt. Ik ben belangrijk, jij bent belangrijk, onze relatie is belangrijk – dat is onze kernwaarde.

Dit is wat ik kwijt wilde. Het zal misschien niet gemakkelijk voor u zijn om deze brief te lezen, ik heb er geen doekjes om gewonden. Trauma kan verhinderen om in het hier en nu te leven, maar ik wil u laten weten dat het nu goed met me gaat. Dat ik weer volop leef. Dag, juf Kiet, ik wens u ook het allerbeste!

Met vriendelijke groet,

Nowa

N.B. Toen ik de documentaire ‘De kinderen van juf Kiet’ zag was ik – Heleen, de schrijver van dit stuk – geschokt en verontwaardigd. Met deze fictieve brief wil ik mijn protest laten klinken. Niet tegen juf Kiet, laat dat duidelijk zijn. Maar de manier van communiceren met kinderen die ik in de film zag staat mij tegen. Ik vind het belangrijk te vermelden dat feit en fictie door elkaar heen lopen. Het personage Nowa heb ik verzonnen. De andere kinderen, Haya, Jorj, Branche en Leanne bestaan echt en zijn te zien in de film. Veel achtergrondinformatie over de kinderen heb ik niet. Over Jorj las ik in de krant dat hij erbij was toen zijn grootvader door IS werd gemarteld en vermoord.

Verdieping:
Teacher Effectiveness Training door Thomas Gordon
Luisteren naar Kinderen door Thomas Gordon
Traumasporen door Bessel van der Kolk
De jongen die opgroeide als hond door Bruce D. Perry en Maia Szalavitz

Dit artikel heeft 2 reacties:

  1. Rob H. Bekker
    25 Nov 2016, om 20:57

    Permalink

    Heleen,

    prachtig. Ik heb ook je eerste woede gelezen, en dat je deze juf Quit wilde aanklagen.
    Wat een beheersing over de materie toon je nu.
    Ik hoop dat ik je niet beschaam met de pittige brief over de docu en de reacties erop die ik vandaag aan NRCH mailde. Ik weet niet of die wordt geplaatst.
    ” Ons” gesprek gaat door.

  2. Heleen Bos

    Heleen
    26 Nov 2016, om 00:39

    Permalink

    Dank je wel Rob, ik ben erg benieuwd naar je brief. Wil je die met me delen?

We horen graag wat jij denkt!

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*