Meteen naar de content
KROOST
Naar de pagina inhoud

Doorbreek de (voorwaardelijke) cirkel…maar hoe?!

Kun je iets geven wat je zelf nooit gekend of gehad hebt? Hoe doorbreek je oude patronen die misschien al generaties lang in jouw familie bestaan? Annemiek gooide haar heilige opvoedhuisjes op de schop en leerde zichzelf, als moeder en mens, veel beter kennen.

Patronen en gewoonten

Iets geven wat je zelf nooit gehad hebt is verdraaid lastig. Velen van ons zullen zelf geen onvoorwaardelijke opvoeding gehad hebben. Dat betekent gelukkig niet dat we massaal een nare rotjeugd hebben gehad, maar wel dat we nu als ouders wat opvoeding betreft opnieuw het wiel moeten uitvinden. De huidige generatie ouders heeft zelf zelden met zijn eigen vader of moeder over gevoelens, wensen en dromen gepraat. Is écht serieus genomen. Heeft gevoeld dat het écht niet uitmaakte wat ze deed of zei, dat de bron van ouderlijke liefde onuitputtelijk en onaantastbaar was.

De relatie met onze ouders kan soepel, moeizaam of ronduit problematisch zijn. Meestal komen we er pas achter hoe diep de ingesleten patronen en gewoonten van die opvoeding zijn geweest als we voor het eerst zelf aan de bak moeten. Baby één is voor verreweg de meeste prille ouders enorm confronterend. De intense beleving van verantwoordelijkheid voor zo’n nieuw leven, de hormonaal aangestuurde onzekerheid en de door slaapgebrek versterkte conflicten met je partner drukken je met je neus op de soms minder rooskleurige feiten.

Controlfreak

Mijn eerste nachtbrakende baby groeide uit tot een eigenzinnige dreumes en op ontdekking gaande peuter. Toen haar zusje twee jaar later geboren werd, en ook van het eigenzinnige soort bleek te zijn, kwamen er steeds meer momenten dat ik mezelf meer scheidsrechter dan moeder voelde. Dat ik alle dingen deed en zei, waarvan ik gezworen had dat ik ze nooit zo doen en zeggen. Ik bleek hetzelfde ongeduld, dezelfde sturingsdrift en het controlefreakerige karakter als mijn vader te hebben.

20140806_125155aIk deed een cursus Effectief communiceren met kinderen van Thomas Gordon, mijn eerste schreden op het pad van onvoorwaardelijk ouderschap, en het veranderde zonder overdrijven ons gezinsleven. De heilige opvoedhuisjes gingen eraan en mijn partner en ik werden geconfronteerd met onze vele mindere kanten als opvoeder, partner én mens. Maand na maand, jaar na jaar leerden we meer over onszelf en konden we steeds makkelijker en beter onze dochters accepteren en liefhebben zoals ze zijn.

Het begaafde kind

Volgens psychoanalytica Alice Miller (1923-2010) is elke vorm van ouderlijke machtsuitoefening desastreus voor de gezonde psychische ontwikkeling van kinderen. In haar bestseller The Drama of the Gifted Child (vertaalt als Het drama van het begaafde kind), schrijft Miller dat wie zich als kind nooit (emotioneel) heeft mogen uiten, zich bewust of onbewust aan de wensen van zijn ouders aanpast en daarmee zijn eigen behoeften verloochent. Een paar treffende citaten:

“Many pass on the cruelty to which they were subjected as children so they can continue to idealize their parents.”

En:

“Without realizing that the past is constantly determining their present actions, they avoid learning anything about their history. They continue to live in their repressed childhood situation, ignoring the fact that it no longer exists, continuing to fear and avoid dangers that, although once real, have not been real for a long time.”

Met andere woorden: het is té pijnlijk om te erkennen dat je ouders niet ideaal waren, dat ze misstappen begaan hebben (groot of klein) die jou als kind in je waardigheid aangetast hebben. Daarom ‘kiezen’ we er voor die ervaringen weg te stoppen. Wie als volwassene niet de beerput opentrekt en zijn ‘ware gevoelens’ alsnog onder ogen komt – in Millers ogen het liefst op een sofa bij een goede therapeut – lijdt volgens haar aan ‘emotionele blindheid’ en kan onmogelijk onvoorwaardelijk zijn eigen kinderen opvoeden.

Handvatten

Om onvoorwaardelijkheid te geven, moet je het eerst zelf ervaren hebben. Maar hoe doe je dat, nu je zelf geen kind meer bent? Het antwoord: door het onszelf te geven. Dat is, zoals praktisch alle dingen in het leven, makkelijker gezegd dan gedaan. Een paar handvatten om je op weg te helpen:

  • Maak een radicaal en onomkeerbaar besluit om jezelf lief te hebben – met al je onhebbelijkheden en imperfecties. Schiet je een keer uit je slof tegen je kind, hoor je jezelf een dreigement uiten of betrap je jezelf op dagdromen waarin behang en daarachter geplakte kinderen de hoofdrol spelen: het is oké. Tenzij je de Dalai Lama zelf bent, verwacht niemand dat je verlicht door het leven gaat (overigens is de Dalai Lama de laatste om te claimen dat hij verlicht is, zoals hij in dit kenmerkende filmpje haarfijn uitlegt).
  • Uit onderzoek blijkt dat we zeven positieve ervaringen nodig hebben om één negatieve ervaring te compenseren. Heb je spijt van iets dat je gedaan hebt tegenover je kind? Maak dan je oprechte excuses en ga iets leuks samen doen. Door op die manier te investeren in de relatie met je kind, kun je jezelf vergeven voor de eerdere ‘misstap’.
  • Train je geest. Bij mediteren denk je misschien aan zit-op-een-kussen-en-aan-het-grote-niks denken (ik hoor je denken: dáár heb ik dus helegaar geen tijd voor!), maar het trainen van de geest is veel meer dan stilzitten. Sterker nog, je kunt het de hele dag door, op bijna elk willekeurig moment, op verschillende manieren doen. Voel je het geduld uit je poriën wegvloeien: neem een diepe teug adem, sluit je ogen en tel tot tien. Als het werkt voor een kind, dan werkt het ook voor ons. Vult je hoofd zich met negatieve gedachten (‘Ik kan het niet’, ‘Wat een gezeik hier toch ook altijd!’, ‘Waarom kunnen mijn kinderen nou niet wat makkelijker zijn!’), herhaal dan in je hoofd een zinnetje dat voor jou helpt. Bij mij is dat sinds jaar en dag: ‘Alles gaat voorbij’ (tijdens slapeloze nachten heb ik dat soms wel duizend keer achter elkaar gepreveld). Variaties (meerdere opties tegelijk mogelijk, whatever works!):

– Ik ben goed genoeg

– Ik ben het rolmodel voor mijn kinderen

– Hoe negatiever het gedrag van mijn kind, hoe meer ze me nodig heeft

– Wat gebeurt, gebeurt. Ik kan het aan.

– Achteraf ga ik hier om lachen11083710_850084928385354_2957850586241926021_oa

Als je ’s avonds afgemat met een kop thee op de bank zit, neem dan tien minuten de tijd – met of zonder je partner – om de dag door te nemen. Wat zou je de volgende keer anders willen doen? Waarom liepen de dingen zoals ze liepen? En: wat ging er wél goed? Door op de dag te reflecteren, leer je jezelf beter kennen. Wat triggert jou in de interactie met je kind(eren)? Waar word je blij of juist chagrijnig van? Wat zijn je valkuilen?

  • Wees een beetje (boel!) lief voor jezelf. Opvoeden is gewoon knetterhard werken. Dus steun jezelf een beetje, leer van je fouten, maar sla jezelf er niet nodeloos mee voor de kop. Oké, je hebt geschreeuwd tegen je kind. Adem in, en weer uit. Maak het goed met je kind en ga dóór. En tijdens die tien minuten ’s avonds op de bank kan je dan eens rustig aan bedenken hoe je dit soort verhitte situaties in het vervolg kunt vermijden.

Spoken en transformatie

Onvoorwaardelijk opvoeden klinkt zo als een hels karwei. Dat kan het ook zijn als je van ‘ver’ moet komen. Een transformatie gaat niet over één nacht ijs, dat duurt jaren. Jaren waarin je soms twee stappen vooruit en een stap achteruit gaat, waar je op onverwachte momenten toch weer spoken uit het verleden op je pad tegenkomt. Van jezelf leren houden is een van de moeilijkste dingen die er zijn. Na 37 jaar, en acht jaar moederschap, kan ik pas sinds een jaar of drie écht oprecht en gemeend zeggen dat ik mezelf een fijn, leuk mens vind. Ik hoop dat mijn eigen kinderen daar niet zo lang op hoeven te wachten.

 

We horen graag wat jij denkt!

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*